De naam A.V.R.O.-toernooi roept in de schaakwereld herinneringen op aan een der meest boeiende episodes uit de schaakgeschiedenis: de doorbraak van de jonge generatie op het einde der dertiger jaren. De jeugdige cracks Kashdan en Flohr boekten in de periode 1930-1934 weliswaar in enkele sterk bezette toernooien opvallende resultaten, maar zij slaagden er toch niet in zich blijvend boven Aljechin of Capablanca te classeren. Totdat in het toernooi te Nottingham 1936 twijfel ging rijzen aan de superioriteit der heersende klasse. Het was de A.V.R.O., die het initiatief nam tot het oplossen van 'het probleem der jongeren' door de organisatie van een supertoernooi ('noch nie da geweest'), waarin het jeugdige element volledig was vertegenwoordigd en het moest opnemen tegen drie wereldkampioenen. A.V.R.O. 1938 is in de schaakhistorie in gouden letters vereeuwigd. De jongeren zijn geslaagd: Keres, Fine en Botwinnik legden beslag op de eerste drie plaatsen. Zou A.V.R.O. 1973 opnieuw zo'n keerpunt worden? Het werd door de jongeren sterk gehoopt - maar door de ouderen nog niet al te zeer geloofd. Het is ook niet gebeurd, alhoewel - als men ooit weer tot zo'n examen zou besluiten de rollen wel eens omgedraaid zouden kunnen worden. In dit boek vindt U een film van het gehele gebeuren. Niet slechts alle partijen, waarvan de markantste werden geanalyseerd door de experts, doch eveneens leesstof voor minder sterken.
L. Poloegajewski Knihy
