De schone slaapster in het bos van Zarja
- 61 stránek
- 3 hodiny čtení
Het verhaal 'De schone slaapster in het bos van Zarja' is afkomstig uit de verhalenbundel 'Gezellige verhalen' van Marente de Moor.
Marente de Moorová se ve svých dílech zaměřuje na absurdní každodennost a složitost mezilidských vztahů. Její psaní se vyznačuje pronikavým pozorováním a vytříbeným jazykem, který čtenáře vtáhne do hloubky lidské psychiky. Autorka zkoumá témata identity, odloučení a hledání smyslu v často nečekaných kontextech. Její díla odhalují jemné nuance lidské zkušenosti s mimořádnou hloubkou a empatií.






Het verhaal 'De schone slaapster in het bos van Zarja' is afkomstig uit de verhalenbundel 'Gezellige verhalen' van Marente de Moor.
Soms klinkt het als trompetgeschal. Soms als een voorwereldlijk beest. Het is iets meteorologisch, zeggen ze tegen elkaar om zichzelf gerust te stellen. Of wellicht zijn het aardplaten die over elkaar schuiven en zo hun onheilspellende geluid voortbrengen.In Foon is de duistere klank van de natuur, waarvoor Nadja en Lev geen afdoende verklaring hebben, nooit ver weg. De eens zo idealistische biologen wonen in een afgelegen huis in de Russische bossen. Ze dreven er een asiel voor verweesde berenwelpen. Maar de vrijwilligers komen niet meer, en terwijl Lev zijn geheugen verliest, strijdt Nadja tegen haar herinneringen. Waar is iedereen gebleven? Wat gebeurde er in het jaar dat ze al tien jaar probeert te vergeten?In deze magistrale roman over eenzaamheid leren de personages, ver van de ontwrichte samenleving die ze zijn ontvlucht, hoe ze zich moeten verhouden tot hun geliefden, tot de geschiedenis en tot de dierenwereld waarvan ze deel uitmaken. Als alle zekerheid wegvalt, is het de verbeelding die hen overeind houdt.
In Duitsland ontdekt een 18-jarige Nederlandse schermster in de zomer van 1936 een geheim tussen haar vader en haar Duitse schermleraar.
In Duitsland ontdekt een 18-jarige Nederlandse schermster in de zomer van 1936 een geheim tussen haar vader en haar Duitse schermleraar.
‘Op 16 september 1890 nam een man de trein van Dijon naar Parijs, daarna is er nooit meer iets van hem vernomen.’ Zo, met de verdwijning van de hoofdpersoon, begint de nieuwe roman van Marente de Moor. Het boek is gebaseerd op het levensverhaal van Louis Le Prince (1842-?), de uitvinder die zijn filmpje ‘Roundhay Garden Scène’ maakte lang voordat Edison en Lumière met hun bewegende beelden kwamen. In zijn bagage pakken papier met grote ideeën, klaar om gepatenteerd te worden. Maar onderweg in de trein sloeg de twijfel toe. Behoorden zijn gedachten hem wel toe? En kon hij voor de gevolgen van zijn uitvinding instaan? Als zijn zoon jaren later naar hem op zoek gaat, ontdekt hij wie baat had bij de vermissing.
Een jonge Rus komt in 2003 vanuit Rusland naar Amsterdam, waar zijn neef, een kunstenaar, hem onder zijn hoede neemt in diens kraakpand.
Sommer 1936. Janna, eine junge Fechterin, soll bei einem alten Freund ihres Vaters Jacq in die Lehre gehen. Von Maastricht aus reist sie über die Grenze nach Aachen. Hier lebt – verwundet und verbittert zurückgekehrt aus dem 1. Weltkrieg – Egon von Bötticher, ein wahrer Meister seiner Kunst. Auf einem einsamen Landgut, das er mit eiserner Hand regiert, unterrichtet er zwei Zwillingsbrüder und organisiert blutige Duelle für Studenten. In diese eigenartige Welt gerät Janna, deren Abneigung gegen den narbenübersäten Egon schon bald in Verliebtheit umschlägt. Welches Geheimnis aber gibt es zwischen ihm und ihrem Vater? Auf der Suche nach Antworten findet sie von Jacq an Egon adressierte Briefe und gerät immer tiefer hinein in die Rätselhaftigkeit des Vergangenen. Nach und nach bricht die Außenwelt in das Landgut ein, und es kommt zu einer dramatischen Auflösung. Bildreich und zugleich präzis zeichnet und koloriert Marente de Moor eine Zeit des Übergangs: Ein Mädchen reift zur Frau, ein Krieg deutet sich an, Unschuld verkehrt sich zu Schuld.
Zomer 1936. Janna, een jonge Nederlandse schermster, wordt door haar vader op de trein gezet om in de leer te gaan bij zijn oude vriend, maître Egon von Bötticher. Egon, een huzaar die gewond en verbitterd is teruggekeerd uit de Eerste Wereldoorlog, slijt zijn dagen op een verlaten landgoed bij Aken. Hier geeft hij les aan twee beeldschone tweelingbroers en organiseert hij bloedige duels voor studenten. Binnen de poorten van deze eigenaardige wereld gaat Janna, geïntrigeerd door haar ontoeschietelijke maître, op zoek naar antwoorden. Wat is er tussen hem en haar vader voorgevallen, en wie moet de rekening vereffenen? Gaandeweg dringt de buitenwereld het leven op het landgoed binnen en komt het tot een dramatische ontknoping.