Hella S. Haasse byla autorkou s hlubokým zájmem o historii a identitu. Její díla často zkoumají složité vztahy mezi kulturami a generacemi, přičemž její styl se vyznačuje bohatým jazykem a psychologickou hloubkou. Haasse byla mistryní v proplétání minulosti a přítomnosti, čímž vytvářela příběhy, které rezonují s univerzálními lidskými tématy. Její vypravěčský talent a postřehy o lidské povaze z ní činí významnou postavu světové literatury.
Mladý Holanďan Rudolf Kerkhoven přijíždí po studiích na vysoké škole za rodiči a přáteli do Indonésie, nakonec se tu usadí, ožení se a prožije v tomto exotickém prostředí celý život. Při líčení bohatých životních osudů svých hrdinů autorka čerpala inspiraci nejen z vlastní zkušenosti, neboť dětství a mládí strávila v Indonésii, ale i z archivu své rodiny, takže v románu jsou mnohé autobiografické prvky, barvité líčení divoké tropické přírody a romantika světa osadníků a domorodců, který již neexistuje.
Zavítejte do Nizozemské Indie v klasickém díle nizozemské literatury.
Kniha začíná legendární větou „Urug byl můj kamarád“ a na jejích stránkách ožívá idylické dětství dvou chlapců, kteří oba v čase před druhou světovou válkou vyrůstali na plantážích v pohoří Preanger na Jávě. Popisuje se v ní ale i tragická událost, díky níž se začali posléze navzájem odcizovat, až se nakonec jejich životy rozešly úplně.
Na pozadí soukromého příběhu se promítají události, během nichž se bývalá kolonie stala samostatnou zemí. Hasseová však zároveň s obrazem koloniální společnosti a slepoty kolonistů k domorodcům, vykresluje i obecně platné podobenství o tom, že naši bližní pro nás zůstávají záhadou.
A novel set in medieval France. His father brutally assassinated by his cousin, John of Burgundy, Charles d'Orleans is left to seek revenge. Their feud splits a ravaged France in two and the English, led by the cool, calculating Henry V, launch a campaign to conquer their traditional enemy.
Een van de twee hoofdpersonen in Choderlos de Laclos’ beroemde roman Les liaisons dangereuses is markiezin de Merteuil, een vrouw die in de achttiende eeuw met de liefde speelde op een manier die aan mannen was voorbehouden. Zij wordt als gevolg hiervan letterlijk uitgebannen en verdwijnt, in Laclos’ woorden: ‘naar men zegt richting Holland’.Hier pakt Hella S. Haasse de draad op. Zij stelt zich de markiezin voor in een landhuis dat van Daal en Berg is omgedoopt in Valmont. Vanuit die schuilplaats schrijft de markiezin, net als in de roman waaruit zij is voortgekomen, brieven. De geadresseerde is: Hella S. Haasse. En die stelt in haar antwoorden haar opvattingen tegenover die van de loszinnige, gedoemde markiezin.
Kultúrnohistorická úvaha, ktorá patrí k vrcholom povojnovej nizozemskej esejistiky. Hella S. Haasse patrí k najvýznamnejším autorkám povojnovej severonizozemskej literatúry. Narodila sa v Batavii (dnešná Jakarta), od roku 1938 žila v Amsterdame a začiatkom 1980tych rokov sa presťahovala do Francúzska. Vydala takmer sedemdesiat literárnych diel, z toho vyše dvadsať románov, niekoľko zväzkov poviedok, knižných esejí, autobiografických prác, cestopisov, písala však aj poéziu a divadelné hry. Debutovala novelou s východoindickou témou Oeroeg (1948), krátko nato sa preslávila románom o poslednom stredovekom trubadúrovi Karolovi Orleánskom Les očakávania (1949) a prózou z prostredia talianskej renesancie Šarlátové mesto (1952). K najvýznamnejším dielam autorkinho neskoršieho obdobia patrí historická próza Páni čajových plantáží (1992, po česky 2003) a román Oko kľúča (2002). Za svoju tvorbu získala Hella S. Haasse niekoľko najvyšších domácich literárnych ocenení, jej knihy sú preložené do mnohých jazykov. Po slovensky vyšla v roku 2001 jej historická fikcia Nebezpečná známosť alebo Daalenberské listy (1976) a v roku 2007 existenciálna novela Skrytý prameň (1950).
In Midden-Italië liggen de raadselachtige tuinen van Bomarzo, sinds mensenheugenis inspiratiebron van veel kunstenaars, onder wie Willink en Dali. Tussen een gulzige plantenvegetatie en ruïnes leiden slingerpaden naar groteske beelden en beeldengroepen, nachtmerrieachtige figuren waarvan het steen in aangetast door de tijd. Wie legde die wonderlijke beeldenpark zo’n vijf eeuwen geleden aan? En wat willen deze merkwaardige beelden ons zeggen? Hella S. Haasse heeft een oplossing gezocht voor die raadsels en komt in de sinistere wereld van de Borgia’s terecht. Ze vermoedt dat het park wel een het handschrift zou kunnen zijn van een gekweld man. Haasses zoektocht evoceert een schitterend, minder bekend beeld van de wereld van de Renaissance. De tuinen van Bomarzo is onbetwist een meesterwerk in het imposante oeuvre van Haasse. Hier vindt men in geconcentreerde vorm de belangrijkste thema’s en motieven bij elkaar die haar werk samenhang verschaffen.
Dit is geen roman in de gewone betekenis van het woord. Het is de geschiedenis van een vrouw uit het begin van de achttiende eeuw, opgetekend uit haar brieven en uit die van tijdgenoten. Die documenten bevinden zich in verschillende archieven in binnen- en buitenland; Hella Haasse heeft ze vertaald (in Nederland werd in die tijd in hogere kringen voornamelijk Frans gesproken en zeker geschreven; Engelse en Duitse documenten zijn er trouwens ook bij), en waar noodzakelijk, in een sobere kroniekstijl aanvullende teksten geschreven. Dat er toch een soort roman ontstaan is ligt aan de keuze, aan de rangschikking, en natuurlijk aan het gegeven. Het gegeven is dat van een in verschillende opzichten ongelukkig huwelijk. Willem Bentinck en Charlotte Sophie van Aldenburg zijn beiden van hoge, zij het zeer verscheiden afkomst. Ze hebben beiden een groot vermogen, maar de een overschat de middelen van de ander schromelijk, wat tot grote moeilijkheden aanleiding geeft. En wat de liefde betreft: bij het, gearrangeerde, huwelijk wordt Willem verliefd op zijn bruid, maar zij houdt al van een ander en heeft van hem een afkeer. Toch blijven ze zeven jaar bij elkaar.